Home Biografie Werken Museum Surrealisme Parfum Films Links


Biografie

Salvador Felipe Jacinto Dali y Komenech werd geboren in 1904 op 11 mei in Figueras, Spanje. De Spaanse streek maakte toen een enorme bloeiperiode door.Zijn vader was een notaris uit Cadaques en de familie leidde een rijk leven in het dorp Figueras. Oorspronkelijk heette zijn oudere broer Salvador, alleen hij overleed 3 jaar voor de geboorte van Dali. Salvador was enig kind totdat zijn zusje Ana Maria werd geboren. En voor Dali betekende het, dat hij alles kon doen wat hij wilde, hij werd volkomen verwend.

Elke dag ging hij naar school in Figueras. In 1914-1918 ging Dali naar de Academie van de broeders van de orde der maristen in Figueras. Op de academie bestudeerde hij de geheimen van licht en donker van de meesters uit de Renaissance. Voor zijn 6e levensjaar toont hij al talent als kunstenaar. Toen Dali 7 jaar oud was wilde hij Napoleon zijn. In die periode ontdekte hij ook Cadaques en zijn prachtige baai. Deze ontdekking was het begin wan zijn levenslange fascinatie en liefde voor Cadaques. De vreemd gekleurde rotsen en de verlaten stranden zijn onderwerp geweest van vele van Dali’s studies.

In 1917 kreeg Dali officieel les. Professor Juan nunez nam hem op de Escuela Municipa de Grabado onder zijn hoede. Salvador Dali wijdde zichzelf aan zijn passie voor schilderen. Hij ontdekte de Impressionisten en schilderde het linnen in bonte kleuren. Maar het grootste deel van de tijd was hij bezig zijn imago op te bouwen. Hij wilde een zeer herkenbaar persoon worden. Daarom had hij lang haar en bakkebaarden en hij droeg een lange cape met een bont gekleurde vlinderjas. Hij liet zijn snor staan met een krul aan beide kanten. Het was alsof hij wist dat hij een belangrijk persoon zou gaan worden naast zijn schilderwerk. Van kleins af aan leed Dali aan grootheidswaan en had een uitzonderlijke fantasie.

Na zijn eerste tentoonstelling, in Figueras, wat een groot succes was, ging Dali naar de School voor schilderkunst, beeldhouwkunst en tekenkunst in Madrid, daar voelde zijn vader weinig voor. Op de academie kwam hij voor het eerst in aanraking met een compleet andere levensstijl dan die waaraan hij gewend was op het platteland. Salvador was eerst verbijsterd, maar al gauw werd hij opgewekt. Hij ontmoette vele nieuwe mensen en maakte veel nieuwe vrienden. Een van zijn vrienden waren Lorca en Luis Buñuel. Dali ontdekte door Juan Gris het kubisme. Luis Buñuel speelde een grote rol in de gevechten tegen religie en de maatschappij. Hij probeerde mensen te choqueren met de boeken die hij schreef en de films die hij maakte. Samen met Dali maakte hij de films ‘Un chien Andalou’ en ‘L’age d’Or’. Beide films waren vrij scandaleus.

In Catalonie liep het behoorlijk uit de hand. Tot twee keer toe beschuldigde de politie Dali onterecht met betrekking tot de politieke gevechten. Hij werd twee keer van de academie geschorst en hij moest zelfs naar de gevangenis. Maar Dali bleef ondertussen gewoon doorgaan met schilderen. Hij ontmoette een paar kubistische schilders en bestudeerde het Kubisme. Maar als snel gaf hij het Kubisme op om zich op het Surrealisme te storten.

In 1927 ging Dali naar Parijs. Iets waar hij al lang naar uit had gekeken. Hij bezocht Pablo Picasso. Picasso en Dali begrepen elkaar woordenloos. Hun ogen en bewegingen zeiden genoeg. Juan Miro, een andere surrealistische schilder, introduceerde Dali bij de surrealisten in Parijs. In 1929, vlak na de introductie, sloot hij zich bij hen aan. Het surrealisme vond zijn inspiratie, in de psychoanalyse van Freud. In deze periode ontmoette Dali veel surrealistische kunstenaars, schilders tot architecten en dichters.
Hij ontmoette ook zijn toekomstige vrouw Gala. Gala was vaak het model van zijn schilderijen en zij was vaak het onderwerp en de inspiratie van zijn schilderijen.

Snel nadat Dali terugging naar Spanje, zei hij tegen zichzelf dat hij gek was. Dit enkel doordat hij zo verliefd was op Gala. Gelukkig kwam Gala naar Cadaques en zij wist hoe ze de ‘gekke verliefde’ in bedwang kon houden. Eind 1929 trouwden zij en lieten elkaar niet meer in de steek. Ze verhuisden naar Port-Lligat en Dali weidde zich weer aan zijn werk.


Hij schilderde de weke uurwerken (is het symboolvoor het verlopen van de tijd, waarmee het geheugen langzaam verdwijnt richting de mysterieuze einder?) en gaf vele lezingen. De meeste lezingen eindigden met problemen/’rellen’ en in 1933 was Dali zelfs verwikkeld in de Catalaanse opstand. Zijn schilderijen kenmerken zich door merkwaardige voorstellingen die nauwkeurig realistisch zijn afgebeeld. Vooral
dubbelbeelden en beeldrijm spelen een belangrijke rol. In zijn voorstellingswereld kunnen mieren even groot al mensen en horloges slap zijn

Andre Breton verbaast de wereld door de naam ‘Salvador Dali’ door mekaar te klutsen en de letters in een nieuwe volgorde te plaatsen tot ‘Avida Dollars’ wat betekent ‘gek op Dollars’, is Dali helemaal koningte rijk. Voortaan zal Dali als ‘Avida Dollars’ door het leven gaan. Het anagram doet zijn roem nog stijgen en al zal Breton dat beslist niet zo bedoeld hebben, de dollars nog sneller en in grotere hoeveelheden naar Dali doen toevloeien.
Dali’s ‘politieke opvattingen’ naast zijn obsessie voor Hitler en zijn monarchistische sympatieen veroorzaakte in 1934 een breuk tussen Dali en de andere surrealisten. De publicatie van Dali’s schilderij Het raadstel van Wilhelm Tell maakte de breuk nog groter. In dit schilderij toont hij Lenin zonder broek, met een lange uitgerekte bil.

Vlak na zijn breuk met de surrealisten vestigde Dali zich in de VS. Hier vond hij eindelijk het goede milieu om tentoonstellingen te houden. Een grote tentoonstelling werd gehouden in New York en Amerika omarmde hem. Al op de eerste dag van de tentoonstelling verkocht Dali al zijn schilderijen. Hij kreeg daarna zoveel nieuwe opdrachten dat het onmogelijk voor hem was om ze allemaal aan te nemen. Hij raakte daar erg overwerkt en depressief van. De uitbundige besnorde Spanjaard maakte niet enkel schilderijen en beelden, maar ook films, decors voor balletten en hij schreef gedichten, essays en boeken.

In 1948 gingen Gala en Dali terug naar Port- Lligat in Spanje. Om bebouwing te voorkomen, werd dit gebied een nationaal Monument voor de gemeenschap. Het moest blijven als het was en niemand mocht het veranderen. Eindelijk kon Dali goede controle over zijn leven krijgen. Hij raakte geinsteresseerd in religie, bezocht de paus en veranderde zijn stijl in het Classicisme/Mysticisme. Vanaf 1950 was zijn schilderkunst vooral mystiek-religieus getint (o.a.Christus aan het kruis veranderde zijn stijl in het Classicisme/Mysticisme. Vanaf 1950 was zijn schilderkunst vooral mystiek-religieus getint (o.a.Christus aan het kruis)

Zijn chaotische leven werd meer gestructureerd en zorgvuldiger georganiseerd. Dali verdeelde zijn tijd tussen Port-Lligat, Parijs en New York. Hij werkte als hij thuis was en speelde de clown in Parijs en New-York.

Terwijl verschillende stijlen en kunstbewegingen zich begonnen te vermengen of verdwenen, hield Dali steeds zijn eigen stijl. Hij wist dat hij moest vechten met zijn werk tegen de vooruitgang. Om dit gevecht te winnen zocht hij voortdurend naar nieuwe wapens met zijn schilderijen, maar ook met het clown- spelen voor de wereld. Alleen door constante vernieuwingen lukte het hem nog de wereld te schokken en de mensen te laten luisteren.

In 1974 werd zijn eigen museum geopend in zijn geboortestad, Figueras. Veel studies, schilderijen en andere creaties worden daar tentoongesteld. 1982 was het ergste jaar van zijn leven, Gala Diakonoff ging dood op 89-jarige leeftijd. Vanaf toen begon Dali’s gezondheid ook achteruit te gaan. Het ging nog verder achteruit na een brand in zijn huis in Pubol in 1984.
Twee jaar later werd een pacemaker geïmplanteerd. Het grootste deel van dit laatste stuk van zijn leven bracht hij in afzondering door, eerst in een kasteel in Pubol(geschenk van
Gala) en later in zijn appartementen aan de Torre Galatea, valkbij het Theater museum. Dali overleed 23 januari 1989 in Figueras door een hartaanval met verschillende complicaties.
Hij laat per testament zijn gehele vermogen en zijn werk na aan de Spaanse staat.

 

Was hij een gek of was hij geniaal...

Salvador Dali werd geboren op 11 mei 1904 in Figueras, Spanje. Al vanaf dat hij zeer klein was kon hij erg goed tekenen. En op 6-jarige leeftijd kan hij al heel aardig schilderen. Op die leeftijd wilde Salvador heel graag kokkin worden onder het motto: “Ik weet wat ik eet. Ik weet niet wat
ik doe.” Op zijn zevende wil hij het liefst Napoleon waaruit de familie mate dronk, dit had dus weer betrekking op eten.

Sindsdien werd zijn eerzucht steeds groter, net als zijn grootheidswaan: “Ik wil alleen Salvador Dali zijn en verder niets. “Volgens Dali kreeg hij de naam Salvador omdat hij was voorbestemd een ‘redder’ te worden, die de schilderkunst moest redden van de dodelijke bedreiging door de abstracte kunst, het academische Surrealisme, het Dadaïsme en alle chaotische kunstbewegingen die eindigen op ‘-ismen’.

Op tienjarige leeftijd ontdekt Dali de impressionistische schilderkunst, op zijn veertiende de academische genreschilderkunst van de 19e eeuw. Op zijn veertiende jaar houdt hij zijn eerste expositie in het stadstheater van Figueras hij dwingt hiermee voor het eerst met zijn schilderijen de bewondering af van de critici. Om het impressionisme opnieuw uit te vinden, heeft Dali een hulpmiddel gevonden, een truc, hij heeft een instrument gemaakt. In de eetkamer ontdekte hij een kennelijk nutteloos geworden kristallen stop van een karaf. Als hij er doorheen keek, zag alles er impressionistisch uit. Die stop draagt hij in het vervolg altijd bij zich. Hij heeft hem in zijn zak en haalt hem bij elke
gelegenheid te voorschijn om de dingen te bekijken “vanuit een impressionistisch perspectief”. Die periode –tijdens de oorlog van 1914-1918- is voor Dali uiterst Bevredigend. De neutraliteit van Spanje heeft het land oppervlakkige zelfverzekerheid en welvaart bezorgt.

Zo verheven als Dali zich altijd voelde boven zijn tijdgenoten, zo deemoedig en klein voelde hij zich tegenover de beroemde kunstzinnige voorgangers die hij bewonderde, zo zei hij daarover: “Al ik naar het verleden kijk dan schijnen mensen als Rafaël mij ware goden toe. Ik ben ongetwijfeld de enige die begrijpt waarom het tegenwoordig volstrekt onmogelijk is de perfectie van Rafaël’s vormen ook maar bij benadering te bereiken. Daarnaast lijkt mijn werk een grote ramp. Ik verlangde er zo sterk naar in een tijd te leven waarin niets te behouden valt! Maar als ik nu weer naar het heden kijk, zou ik om niets ter wereld –let wel, ik onderschat de gespecialiseerde intelligenties die ver verheven zijn boven de mijne niet- mijn persoonlijkheid met die van een van mijn tijdgenoten zou willen ruilen.

In 1920 gaat hij naar de kunstacademie en alleen het idee binnenkort de kunstacademie van Madrid te gaan betreden, roept bij hem het idee op van een ‘strijd op leven en dood’ met zijn professoren. Hij is nauwelijks begonnen, of hij begint zijn leraar Núñez al te pesten door steeds precies het tegenovergestelde doen van wat hem opgedragen wordt: zwarte schaduwen te tekenen wanneer de opdracht is met een fijn penseel te werken, met pen te krassen als hij ineenvloeiende kleurvlakken moet teken. Maar de resultaten van zijn eigenwijze werkwijze doen hem concluderen dat juist hij degene is die het goed doet en dat ‘alleen het kleurreliëf zelf’, als het juist op het linnen is aangebracht, een voor het oog indrukwekkend effect zou kunnen bewerkstelligen. Over dit tijdperk zegt hij zelf: ”Dat was het tijdperk dat mijn ouders het ‘Stenen Tijdperk’ noemden. Ik gebruikte stenen om een uiterst stralende wolk te maken. Ik plakte de stenen op het linnen en schilderde ze vervolgens in de gewenste kleur. Een van mijn beste scheppingen in die trant was een zonsondergang met scharlakenrode wolken.” Het doek, dat is bezaaid met stenen in vele formaten, sierde lange tijd de eetkamer van de familie. Van tijd tot tijd werd de vredige sfeer verstoord dor een verontrustend lawaai. Zijn moeder stopt met naaien en zijn vader stelt haar gerust: “Dat is slechts een steen die van de hemel van onze zoon is gevallen. ”Enigszins bezorgt voegt hij er echter nog aan toe: “Het idee is goed, maar wie koopt er een schilderij dat ertoe gedoemd is langzaam te verdwijnen en het hele huis met stenen te bezaaien?”

Na die fase van kinderlijk narcisme (extreme liefde voor zichzelf) komen de anti-sociale en anarchistische neigingen. “Ik was uit principe tegen alles. Sinds mijn kindertijd deed ik altijd alles anders dan anderen zonder dat zelf echt te beseffen. Vanaf de tijd dat ik een jongeman was, deed ik het opzettelijk. Het was voldoende dat iemand ‘zwart’ zei, waarop ik ‘wit’ zei, dat iemand respectvol voor mij boog, waarop ik op hem spuugde.”

1922: Dali doorgrondde zijn talenten. Hij had het Kubisme, Futurisme en Purisme ontdekt. Hij kende het werk van Picasso, Juan Gris, Severini, Morandi, De Chirico en Carrà. Buñuel (waar hij later de film ‘Un chien Andalou mee zou maken) en Lorca waren zijn vrienden.

 

De opvallendste obsessies die van meet af aan in Dali’s werk verschijnen, zijn direct terug te voeren op zijn Catalaanse oorsprong. Van de Catalanen wordt namelijk gezegd dat ze alleen geloven in het bestaan van dingen die je kunt eten, horen, aanraken, ruiken en voelen (Steeds onder hetzelfde motto: “Ik weet wat ik eet, ik weet niet wat ik doe.”) Ook citeert hij vaak een van zijn landgenoten, de filosoof Francesc Pujols, die de uitbreiding van de katholieke Kerk vergelijkt met een varken dat wordt gemest voor het wordt geslacht om te worden opgegeten. Dali verklaart, met een typische Dali-variant op een uitspraak van Augustinus: “Christus is als kaas, beter gezegd als bergen kaas.” Die ‘eetmanie’ duikt regelmatig op in zijn werk, of het nu gaat om de beroemde ‘weke uurwerken’(De duurzaamheid van de herinnering), die voortkomen uit een droom over een uiteenlopende camembert of de evenzo vele Spiegeleieren op het bord zonder het bord of Antropomorfisch brood.

Intussen probeert Salvador allerlei stijlen uit. Maar hij doet het met humor. Hij speelt ermee, gaat er onbekommerd mee om en maakt het soms zelfs belachelijk.
Picasso, Matisse.. Hij doet ze na, hij doet zichzelf na. Maar boven alles werkt hij keihard. En kijkt hij neer op zijn medeleerlingen en professoren. Wat sommigen willen bereiken, heeft hij allang uitgeprobeerd en alweer een eeuwigheid geleden opgegeven, al is hij pas 19 jaar. Dat niveauverschil tussen hem en de rest verklaart hij als volgt: “In Madrid was ik tegenstrijdig genoeg de enige schilder die kubistisch werkte en toch eiste ik van mijn professoren precieze kennis van tekening, perspectief en kleurgebruik. Mijn studiegenoten vonden met een reactionaire tegenstander van de vooruitgang. Zij zelf noemden zich vernieuwend en revolutionair, omdat zij mochten schilderen zoals ze wilden en omdat ze zwart van hun palet hadden verbannen om het door paars te vervangen! Zwart bestaat niet, beweren ze, door het licht schittert alles in regenboogkleuren, zelfs de schaduwen zijn paars. Die impressionistische revolutie had ik al op mijn twaalfde doorlopen en zelfs in die tijd had ik niet de fout gemaakt zwart van mijn palet te verbannen. Een korte blik op een klein schilderij van Renoir in een collectie in Barcelona was voor mij voldoende geweest om alles te begrijpen. Al die jaren hebben ze met hun vuile, slecht verteerde regenbogen in een kringetje gedraaid! Mijn God, wat kunnen mensen achterlijk zijn!”

1929 is het jaar dat Salvador Dali definitief surrealist kan worden genoemd en dat is ook het jaar dat hij voor het eerst zijn toekomstige vrouw Gala ontmoet. Hij heeft haar al gezien in een van zijn visioenen en noemde haar altijd Galuschka. Hij herkent haar uit zijn dromen omdat ze dezelfde naakte rug heeft. Dat haar lichaamsbouw precies die is van zijn meeste vrouwenfiguren is het bewijs.

Op een van hun wandelingen bekent Salvador Gala tussen twee nerveuze lachaanvallen door zijn liefde. Dat is niet bepaald makkelijk voor hem, want Helena Devulina Diakanoff, dochter van een ambtenaar uit Moskou die door iedereen Gala word genoemd, beschikt naast een enorme charme over een zelfverzekerdheid die Dali sprakeloos maakt, en als haar lichaam dicht bij de zijne is, weet hij helemaal niets meer te zeggen en krijgt, als hij haar wil omarmen weer een nerveuze lachbui. Gala wordt er echter niet boos om, maar juist opgewekt en ze begreep dat zijn lachen niet ‘vrolijk’ was zoals bij andere mensen, maar het was ‘instorting’, ‘afschuw’ en ‘afgrond’(aldus Salvador).
“Mij stond de grootste beproeving van mijn leven te wachten”, verklaarde Dali, “de beproeving door mijn liefde.”

In 1934 begon Dali het grote publiek te veroveren en besloot zijn werk dan ook maar officieel voor te stellen aan het grote publiek en hij had vele exposities. Ook zelfs in New York! En in Pittsburgh werd in het Carnegie Institute ‘The 1934 International Exhibition of Paintings’ geopend, en Dali krijgt voor zijn Landschap met raadselachtige elementen een eervolle vermelding.

Voor Dali is intussen Amerika echt een obsessie geworden: “Ik wil naar Amerika, ik wil naar
Amerika” Alleen het geld voor de overtocht ontbreekt, want hij is dan wel al erg bekend, maar hij is ook door zijn financiële reserves heen en hij klopt tevergeefs aan alle deuren, maar niemand wil hem meer geld lenen. Maar uiteindelijk leent zijn vriend Picasso hem het geld voor de overtocht, wat hij later nooit meer terugbetaald. Dali vindt New York een reusachtige gotische roquefort-kaas. Maar hij houdt van roquefort.

Om Breton, die een uitgesproken atheïst was, dwars te zitten, wilde Dali het surrealisme zelfs tot een nieuwe, echte religie verheffen, maar een die tegelijk sadistisch, masochistisch,
sprookjesachtig en paranoïde zou zijn. Auguste Comte (filosoof à grondlegger van het positivisme) zou haar Messias en Andre Breton haar grote prediker zijn. We moeten ons niet laten misleiden: Dali was een mysticus, zoals hij in zijn derde levensfase bewees toen hij besloot terug te keren naar de esthetiek van het Italiaanse Renaissance en besloot religieuze werken te maken als leda atomica; daarin verwerkt hij niet alleen de Gulden Snede en ideeën uit de moderne natuurkunde; ze weerspiegelen ook de geestelijke ontwikkeling van de kunstenaar, die als altijd op een dubbele verwantschap tussen personen in geestelijk opzicht of tussen zaken bedacht. Hij valt aan om niet zelf aangerand te worden= de beschroomde, kuise reactie van een trost natuurmens, de Catalaanse boer.

Eind jaren ’30 was Dali ook ineens in de ban van Hitler en hij stelde zich Hitler voor als een vrouw. Je Hitler verkleed als vrouw voor te stellen, is zeker geen onschuldige gedachte, een ‘Hitleriaanse kinderjuffrouw’ met een hakenkruis te schilderen evenmin. Dali’s surrealistische vrienden geloofden geen moment dat deze Hilter-manie geheel zonder begrip voor politiek was.
Dali zei: ”Ik werd gefascineerd door Hitlers weke en vlezige rug, die altijd zo strak in zijn uniform was gesnoerd.”
Breton en de andere surrealisten zijn ervan overtuigd dat Dali in wezen een nazi is en hij wordt bij Breton ‘op het matje geroepen’. Op die bijeenkomst verschijnt Dali in een trui en een sjaal gewikkeld en met een koortsthermometer in zijn mond en leest voortdurend de temperatuur af terwijl Breton zijn beschuldigingen uit.

Na deze confrontatie tussen Dali en de leider van de Surrealisten besluiten de Surrealisten hem uit de groep te stoten onder het mom van dat hij een facist zou zijn. Maar ondertussen blijft Dali gewoon meedoen aan de exposites van de Surrealisten en Breton beseft dat ze hem ook wel nodig hebben als publiciteitstrekker.

In 1941 houdt Dali een tentoonstelling in de galerie van Julien Levy en het blad ‘He Art Digest’ schrijft naar aanleiding hiervan een stukje: ”Salvador Dali is weer in 57th Street, waar hij de nieuwsgierigheid opwekt van onze burgers met een gezond verstand, die zich stilletjes afvragen: ‘Is Dali gek of is hij een geslepen zakenman?’ Dali’s geheim bestaat uit het op een ongepaste manier samenvoegen van de traditioneelste objecten. Een paard en een telefoon hebben op zichzelf weinig opwindends; maar wanneer het paard heel nonchalant de telefoon oppakt, veroorzaakt dit bij de toeschouwer een biologische reactie. Zonder zijn koortsachtige fantasie en zijn onberekenbare uitspraken zou Dali slechts een knappe schilder zijn, zoals zovelen, met een wonderbaarlijk tekentalent en de buitengewone vaardigheid van een miniatuurschilder. Want dat deze kunstschilder van tekenen en schilderen, is niet te ontkennen. Is Dali gek? De statistieken spreken tegen hem: er zijn meer van onze soort dan van de zijne.”

Hij was een grote aandachttrekker, die vele andere schilders heeft geïnspireerd. Hij was niet gek in de zin van onlogische en nergens op slaand. Of zoals hij het zelf zei:
“Het enige verschil tussen mij en een gek is dat ik niet gek ben”

Op 10 juni 1982 vindt de grote ‘catastrofe’ plaats. Gala sterft en levert hem uit aan de eenzaamheid. Dali wil daarna zelfmoord plegen door uitdroging. Hij belandt hierdoor uiteindelijk in het ziekenhuis en daar probeert hij “in rook op te gaan”, door met misdadig plezier voortdurend op de bel te drukken waarmee hij zijn verpleegster roept en naar zijn bed lokt; zijn spelen met de bel veroorzaakt kortsluiting, die zijn bed en nachthemd in brand steekt. Gelukkig is Descharnes in de buurt en redt zijn leven.
Een andere bijwerking van het uitdrogen is dat hij zijn stem verliest. Hij wordt ongeduldig en woedend wanneer hij iets zegt en niemand hem verstaat.

Op 23 januari sterft hij. Zijn snor wordt door zijn huismeester nog eens gedraaid, het lichaam gebalsemd opdat het tenminste driehonderd jaar ongeschonden zal blijven, gehuld in een tuniek die is versierd met de kroon van een Marques en een bestikte boord die de dubbele helix van het DNA voorstelt, rust de Marques de Dali de Pubol – deze titel werd hem op 26 juli 1982 door koning Juan Carlos.


 

Zijn Strijd

Voor

spinazie slakken
de film het toneel
Boeddha Markies de Sade
het Morgenland het avondland
de zon de maan
de revolutie de traditie
Rembrandt Vermeer
de moderne Afrikaanse kunst de Renaissance
de filosofie de religie
de geneeskunde de magie
bergen zeestranden
hersenschimmen schrikbeelden
de vrouwen Gala
de mannen me zelf
de Tijd de weke horloges
het scepticisme het Geloof

Tegen

de eenvoud
de eenvormigheid de verscheidenheid
het egalitarisme de hiërarchie
de collectiviteit het individu
de politiek de metafysica
de muziek de architectuur
de natuur de esthetica
de vooruitgang de vooruitgang
het mechanisme de droom
de abstractie het concrete
de jeugd de rijpheid

 

2006 -2009 emile-brandt.nl Email Home BiografieWerkenMuseum SurrealismeParfum FilmsLinks